Giovanna Jansen
Het Kerstdiner
‘Nee, hè, niet weer.’ Geërgerd raap ik de envelop van de deurmat op. Ik hoef hem niet eens open te maken om te weten wie de afzender is. Dit is nou al de derde week op rij dat ze mij een uitnodiging voor kerst stuurt. Denkt ze nou echt dat ik vergeten ben hoe het kerstdiner vorig jaar afgelopen is?
Het begon allemaal heel gezellig. Pap had oma net opgehaald, oom Bart ontkurkte een fles wijn en schonk de glazen vol. Dat bleef hij overigens met grote regelmaat doen. Nu ik erover nadenk, kan dat best het begin van het probleem geweest zijn. Mijn zus Annelies was er ook, met haar verloofde Hans. Zij hadden voor het hoofdgerecht gezorgd, een heuse gevulde kalkoen. ‘Lekker Amerikaans,’ had mam gezegd. Wat ze daar dan ook mee bedoelde. Hij moest nog wel klaar gemaakt worden.
Mam had hem meteen in de oven gezet, dat beest moest wel 4 uur braden. Telkens weer ging ze naar de keuken, even checken of hij er nog goed bij lag. En om hem regelmatig te bedruipen met vet.
‘Dat moet, anders wordt hij droog. Dat stond in een Amerikaans recept,’ verdedigde ze toen pap plagend zei dat ze meer oog had voor de kalkoen dan voor hem.

Ik weet niet meer of het na het zesde of zevende rondje wijn was, dat oma mompelde ‘Er ruikt iets verbrand, is het de open haard?’
‘We hebben geen open haard,’ merkte pap droogjes op.
‘De kalkoen!’ gilde mam terwijl ze op sprong. Struikelend rende ze naar de keuken. Ze kon zich nog net aan de kast vastgrijpen anders had ze languit op het kleed gelegen. Die kast stond blijkbaar wiebel, want door de kracht er tegenaan, stuiterde de grote vaas van tante Leen eraf, zo bovenop oom Bart’s hoofd, die op het bankje ernaast zat.
‘Nondeju,’ schreeuwde hij uit. Plus nog wat krachtermen die hij er achteraan gooide.
Mam, die gewoon doorgelopen was naar de keuken, kwam snikkend terug.
‘De kalkoen. O de kalkoen. Hij is helemaal zwart. O de kalkoen,’ jammerde ze maar door.
‘Kijk nou toch wat je gedaan hebt,’ viel pap tegen haar uit. ‘Bart heeft een flinke bult op zijn hoofd door jou. En jij hebt alleen oog voor die kalkoen.’
Of het nou door de wijn kwam, door de verbrande kalkoen of omdat iedereen kwaad naar mijn moeder keek, maar plots ontplofte ze.
‘Laten we het vooral niet hebben over oog hebben voor, smeerlap,’ haalde ze genadeloos naar mijn vader uit. ‘Met je gegluur naar de buurvrouw. Ik zie je wel kwijlend voor het raam staan als ze langsloopt. En denk je dat ik niet weet dat je “toevallig” Max uit gaat laten als zij uit haar werk komt. Zodat je haar snel nog even kan aflebberen achter het schuurtje. En bemoei jij je er niet mee ouwe tang.’ Nu was het oma die er van langs kreeg.
‘Hé, zo praat je niet tegen mijn moeder!,’ schreeuwde mijn vader.
Toen ging het allemaal heel snel. Annelies slaakte een kreet. Mam, die een goede pitch arm bleek te hebben, gooide met een ferme worp de kalkoen richting mijn vader. Hij week net op tijd uit, verloor daarbij echter zijn evenwicht en kwam in de kerstboom terecht. Met veel gerinkel vielen ze beide op de grond. Hoewel, nu ik er op terugkijk, kan het ook dat het grootste gerinkel kwam van de kalkoen die dwars door het raam heen vloog. Mam vloekte en gaf Max een schop, waarop die zo hard begon te janken dat Pluis, die bij oma op schoot lag, schrok en al blazend oma’s gezicht open krabde.
‘Whahaha,’ schoot mam in een hysterische lach. Nadat Annelies snikkend de deur uitrende, gevolgd door een gechoqueerde Hans, besloot ik dat ik wel klaar was met het kerstdiner. Ik trok de deur van het huis van mijn ouders achter mij dicht en kon mijn moeders hysterie nog tot ver in de straat horen.

Dus nee, mam’s uitnodiging om met Kerst dit jaar bij haar in de inrichting langs te komen, sla ik af.

Giovanna Jansen
Reageer

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *